Voor of tegen?

Vorige week is het Oekraïne-referendum gehouden. De uitkomst is bekend, maar nadien ontspon zich een discussie hoe de uitslag geïnterpreteerd zou moeten worden gezien tegen het licht van de de opkomstdrempel. En als auteur van het artikel “Een simpele Ja/Nee vraag” (zie onder) voel ik me geroepen de diverse deelverzamelingen kiezers in kaart te brengen.

Er is een grote groep potentiële kiezers die niet gestemd heeft (A = 67,72%). Dit lijkt de groep heeftMening.hasValue=NULL te zijn. Van de kiezers die wel gestemd hebben (B = 32,28%) heeft de grootste groep “Tegen” gestemd (B1 = 61%), een kleinere groep heeft “Voor” gestemd (B2 = 38,21%), een minieme groep heeft “Blanco” gestemd (wat traditioneel geïnterpreteerd wordt als “geen voorkeur”, (B3 = 0,79%)) en een verwaarloosbaar aantal stemmen waren ongeldig (B4).

Vooraf waren allerlei peilingen gehouden en die lieten ondubbelzinnig zien dat de uitkomst een duidelijk “Tegen” zou worden (wat ook gebeurd is). Er was ook een opkomstdrempel ingesteld. Het referendum zou pas “geldig” zijn bij een opkomstpercentage van 30%. Dat heeft (is de claim) geleid tot de gedachte bij veel potentiële “Voor”-stemmers om niet te gaan stemmen. Een stem “Voor” verhoogd immers ook de opkomst. Door niet te stemmen werd de hoop dat het referendum niet geldig zou worden verklaard doordat de 30% niet zou worden gehaald.

Laten we deze uitslag eens leggen tegen het artikel “Een simpele Ja/Nee vraag”. Verkiezingen zijn in Nederland anoniem, dus motivaties als “het gaat je niet aan wat mijn mening is” zijn niet valide/aan de orde. Daarentegen moet de kiezer wel moeite doen om antwoord te geven (hij moet naar een stembureau) en er was de extra hinderpaal van die 30%.

De vraag was letterlijk: ‘Bent u voor of tegen de wet tot goedkeuring van de associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en Oekraïne?’. We gaan het rijtje langs:

  • Is de vraag gehoord? Er zijn natuurlijk altijd kiezers die de vraag niet ‘horen’. Voor het gemak reken ik onder de groep die geen stembiljet ontvangen (of kwijtraken, of geen geldig identiteitsbewijs bij zich hebben) ook degenen die domweg zijn vergeten te stemmen. Zo’n groep bestaat er bij elke verkiezing en er is geen reden om aan te nemen dat die hier groter of kleiner is dan bij andere verkiezingen. In België, waar opkomstplicht is bij verkiezingen, is het gemiddeld aantal niet-stemmers ca. 10%.
  • Is de vraag zuiver gesteld? Hm. Ik denk op zich van wel, maar het verdrag zelf bevat zoveel punten waar je afzonderlijk weer voor of tegen kan zijn dat een ieder zich een totaalafweging moet maken. Dat vereist (en dat is lastig) een overall-beeld, en naar de voor/tegen-mening over het overall-beeld werd uiteindelijk gevraagd.
  • Is de vraag begrepen? De media hebben zich uitgeput een gechargeerd beeld over de vraag te geven, de overheid (die zich volkomen te onrechte als belanghebbende presenteerde) voorop. Nee NPO-spotje, we stemmen niet voor/tegen Poetin! Dat is het soort simplificaties en verkeerde voorstelling van zaken geven waar we ons bij referenda verre van zouden moeten houden! Laten we ons daarom bij de tekst van het verdrag houden. Art.19 regelt bijv. het voorgenomen visumvrije verkeer, waarvan de tegenstanders opmerken dat Oekraïne in de top 5 van vrouwenhandel, kinderprostitutie en drugshandel staat. En het is grotendeels een handelsovereenkomst (het land heeft als munteenheid de Grivna, welke munt in januari/februari t.o.v. de euro grofweg 20% is gedevalueerd. Behalve als u international bent met vestigingen in EU EN Oekraïne (zoals bijv. Monsanto), en als u bereid bent de steekpenningen te betalen die bij de handel in Oekraïne horen, heeft u dus geen belang bij handel met dat land. En we gaan ca. 11 miljard euri doneren, aan ontwikkelingshulp zeg maar. De eventuele voordelen zijn veel diffuser en sterk afhankelijk van de daadwerkelijke toekomstige implementatie van de wetgeving en wetshandhaving in Oekraïne die zijn wetgeving en wetshandhaving op de EU zou moeten gaan afstemmen.
  • Is het antwoord bij de geïnterviewde bekend? Veel mensen gaven aan zich niet te willen verdiepen in de tekst van het verdrag, of verwezen naar de politici waar ze op gestemd hadden. Van de mensen in mijn directe omgeving heeft maar een enkeling gezegd gekeken te hebben naar de letterlijke tekst. Als dit een landelijk beeld is, dan is de vraag hoe gefundeerd de mening is die “de kiezer” gegeven heeft. Velen zullen zich hebben laten leiden door de media.
  • Is de geïnterviewde in staat het antwoord te geven? Er is altijd een “ziekenhuisgroep” bij verkiezingen, maar nu, gezien het beperktere aantal stembureaus zullen er t.o.v. vorige verkiezingen toch een extra aantal mensen zijn geweest die zich nu niet in staat voelden te stemmen.
  • Heeft de geïnterviewde de moeite er voor over zijn mening te geven? Er zal zeker een grotere groep geweest zijn die het de moeite niet waard vond. Het referendum was, indien al geldig, slechts “raadgevend”. Niet echt motiverend om een gang naar de stembus te maken.
  • Wil de geïnterviewde het antwoord geven? Nu komt het geldigheidscriterium om de hoek kijken. Er zal zeker een aardige groep “Voor”-stemmers geweest zijn die bewust niet heeft gestemd om het referendum niet-geldig te krijgen. Maar hoe groot is die groep? En waarom zouden we [de regering], nu de list niet is geslaagd, er opeens rekening mee moeten houden? Dat wil de regering waarschijnlijk wel, maar bedenk dan dat er ook een grote groep “Tegen”-stemmers die a.g.v. het referendum over de Europese grondwet apathisch is geworden en op grond daarvan niet is gaan stemmen.

Een pluim voor de “Blanco”-stemmers! Zij hebben zich [vermoedelijk] verdiept, zich gerealiseerd dat het item belangrijk was, maar zijn niet voor zichzelf tot een duidelijk standpunt gekomen. Dat begrijp ik. De diffuse mogelijke voordelen van dit verdrag kunnen pas duidelijk zijn als je vertrouwen hebt in degenen waarmee je hebt onderhandeld, want dan pas weet je hoe groot de kans is dat de wederpartij gaat doen wat hij zegt te zullen gaan doen. Maar van de gemiddelde kiezer weet niemand wie er aan tafel zat. We moeten wat dat betreft blindvaren op de EU-top. Net als destijds bij Griekenland.

Right through the pack

In dit boek krijgt elke kaart een hommage. Een van de leukste storys is die van h9, “an unloaded Pistol”.

Spel 8 / West / Niemand A B 9 6 2
A B 6
10 3
A 10 3
7 4 5
5 H V 10 8 7 2
V 9 8 6 B 5 4
8 7 6 5 4 2 V B 9
H V 10 8 3
9 4 3
A K 7 2
H

Zuid opende 1s en het bieden stopte pas bij 7s. Nadat West met 8 is uitgekomen zijn er 12 slagen te zien, maar waar moet de 13e vandaan komen?

Na H, A, H, A K, getroefd, met naar de hand en nogmaals getroefd blijft er dit over met Noord aan slag:

Spel 8 / West / Niemand B
A B 6
A 10
5 H V 8 7
7 6 5 4 2 V B
V 8 3
9 4 3

Zuid vraagt zich af of Oost de verdeling van de en over West en Zuid al kan kennen. Na A bekent West nog en is het antwoord : nee.

Zuid steekt over in troef en speelt zijn laatste troeven uit, waarbij hij in Noord zijn dumpt. Nu het plaatje vanuit Oost: Zuid heeft voor hem nog een , dus als in Noord de laatste wordt opgeruimd, kan Oost afstand doen van zijn laatste en hopen dat zijn partner 9 heeft. Dan valt het doek als Zuid met 9 komt. Schitterend!!

KAVDW.NL waarschuwt voor in berichtgeving bij NU.NL

Op NU.NL valt bij het kopje internet het volgende te lezen:

=====

Microsoft waarschuwt voor lek in browsers
AMSTERDAM – Microsoft waarschuwt voor een lek in de versies 6, 7 en 8 van Internet Explorer (IE)
Dat staat op de site van het bedrijf.
Het lek is inmiddels gedicht, maar er zouden nog steeds mensen kunnen zijn die misbruik van maken van de kwetsbaarheid van het systeem. [Comment: Als er nog mensen zijn die misbruik kunnen maken van het systeem, dan is het lek NIET gedicht] De IE-versies 9 en 10 hebben geen last van de problemen.
De kwetsbaarheid is onstaan door de manier waarom IE onderwerpen in het geheugen benadert die zijn verwijderd of verkeerd gealloceerd zijn. Via een speciale site kunnen kwaadwillenden inbreken in het geheugen van de browser. [Comment: Wat!? Dus alleen de aanwezigheid van een site op het web is al voldoende? Of moet er toch nog iets meer gebeuren?]
Microsoft voert momenteel onderzoek uit om het probleem te analyseren. Op basis daarvan zal het IE-gebruikers adviseren over goede bescherming. [Comment: Dus Microsoft vindt zelf ook dat het lek niet is gedicht]

=====

NU.NL zou nauwkeuriger moeten formuleren. Zoals het er staat roept het bericht meer vragen op dan het beantwoord. Zie voor het originele bericht: http://www.nu.nl/internet/2993357/microsoft-waarschuwt-lek-in-browsers.html

Een psychologisch effect na afvallen

Iedereen ziet alleen maar voordelen aan afvallen. En die zijn er ook legio, zoals minder kans op allerlei enge ziekten, een gezonder gevoel, een mooier lichaam en bijgevolg een zelfverzekerder houding in het leven. Niemand heeft het echter over de nadelen als je flink afvalt (in mijn geval 54 kilo).

Er is een nadeel voor de portemonnee (want de gehele garderobe moet worden vervangen). En je wilt niet terugvallen in oude patronen, dus je mijdt buffetten (maar mis je wel de bijhorende gezelligheid). En dan kan je wel in gewicht omlaag gaan, maar het vet blijft toch zitten op plekken waar je het niet wilt hebben.

Het belangrijkste effect echter, (wat soms een nadeel, en een enkele keer een voordeel is) is dat mensen je soms pas in tweede instantie of echt helemaal niet meer herkennen. Als mensen je pas in tweede instantie herkennen vragen ze zich soms af of je misschien niet ernstig ziek bent (nee dus) en durven daar vervolgens niet rechtstreeks naar te vragen. Er ontstaat dan een afstand die niet zo makkelijk doorbroken kan worden. En als het zover komt dat je je daadwerkelijk opnieuw moet voorstellen, dan bèn je ook iemand anders geworden. Het geheugen van mensen werkt kennelijk zo dat het gemeenschappelijk verleden gekoppeld is aan je oude persoon, aan het oude uiterlijk. En nu je iemand anders bent, is klaarblijkelijk het verleden ook weg, en als je daar dan toch aan refereert, wordt er glazig op gereageerd. Aan één kant merkwaardig, aan de andere kant maakt het eenzaam.

Definitie spoorwegmaatschappij

In de communicatie is een belangrijke reden van misverstand dat aan een gemeenschappelijk begrepen woord verschillende referentiekaders bij de communicerenden horen. Men blijkt uren met elkaar te praten maar op een gegeven moment toch elk een andere uitleg te geven aan bijv. een ligplaats, een ETA, of een reis.

Het is daarom van groot belang de onderling (veel) gebruikte begrippen scherp te definiëren. Neem een begrip als “Belminuut”. Enkele piketpaaltjes in deze zijn: “Wanneer begint het tellen?”, “Wanneer eindigt het tellen?”, “Wordt er afgerond, zo ja hoe?”, “Wanneer wordt je gefactureerd, als beller of als gebelde of als beide?”, “Gaat het tellen altijd naar tijdseenheid of gaat het tellen in het buitenland anders en gaat het tellen dan dubbel, driedubbel etc.?”, “Is het begrip belminuut bij alle providers hetzelfde?”, “Hoe lang duurt een Belminuut?”. (Dat die laatste vraag ook niet gek is, weten automobilisten; een parkeer-uur in een parkeergarage duurt meestal maar 45 minuten).

Het begrip “Belminuut” is geïntroduceerd door de providers. Door het woord “minuut” in “Belminuut” te gebruiken zetten de providers zeker 80% van hun potentiële klanten bij voorbaat op het verkeerde been, omdat de meeste mensen ervan uitgaan dat een minuut 60 seconden is. Dit “op het verkeerde been zetten” is opzettelijk gegaan. Want de providers hadden het begrip ook (en met veel meer recht van spreken) “Bel-eenheid” kunnen noemen. Maar dan had iedereen zich meteen afgevraagd: “Wat is dat, een “Bel-eenheid”?”.

Het inzicht dat gemeenschappelijk gebruikte (zeker nieuwe) termen een nauw begrensde definitie nodig hebben, leidde omstreeks 1870 tot de volgende definitie van een spoorwegmaatschappij (toen een nieuw begrip) door een duits jurist, voor het gemak van de lezer vertaald:

“Een spoorwegmaatschappij is een onderneming bestemd voor het herhaaldelijk vervoer van personen of goederen over niet zeer kleine afstanden over metalen banen, welke door hun samenstelling, constructie en gladheid moeten dienen om het vervoer van grote gewichten respectievelijk het bereiken van een betrekkelijk grote snelheid van de beweging tijdens het transport mogelijk te maken, en welke door deze eigenschap in verband met de bovendien ter verkrijging van de beweging tijdens het vervoer gebruikte natuurkrachten (stoom, elektriciteit, dierlijke of menselijke spierbewegingen, evenals bij een hellend baanvlak het eigen gewicht van de vervoersmiddelen en hun lading, enzovoort) bij het bedrijf van de onderneming hierop in staat zijn tot het verrichten van betrekkelijk zeer grote (al naar gelang de omstandigheden slechts in beperkte mate nuttige, ofwel de dood van mensen veroorzakende en de menselijke gezondheid schadende) prestaties.”.

Een definitie was in het verleden “per definitie” één enkele zin. En een zin wordt begrensd door een afsluitende punt. (voor het modernere inzicht: klik op de link, en zie dat er in de tegenwoordige opvatting zelfs meerdere soorten definities kunnen bestaan; wat m.i. een paskwil is, trouwens.)

Ik vind er wat voor te zeggen om in de wet de verplichting op te nemen dat als een leverancier een nieuw begrip introduceert, bijv. een “Beter-wonen Hypotheek”, een “abonnement voor de helft van de prijs”, of een “Alleen grote letters-verzekering” in de advertentie of reclame ALLE tariefsafhankelijke informatie van het begrip op te nemen en/of nader te definiëren zolang het begrip niet in het groene boekje staat.